Bewakers van de journalistiek

Het Britse parlement heeft als antwoord op de onkostenaffaire 700’000 documenten vrijgegeven met daarin alle uitgaven van de MPs. Normaal gesproken zou dat een maatregel zijn waarmee een volledig onderzoek naar de uitgaven getraineerd wordt. Wie gaat er nou 700’000 documenten bekijken? Journalisten zouden misschien wat bekende politici doorlichten of steekproefsgewijs wat bekijken.

Toen kwam de Guardian met deze website waar het publiek de documenten kan bekijken en annoteren. Zoek op (jouw) parlementariër, of per partij en blader dan scans bladeren, classificeer documenten, haal bedragen omschrijvingen en andere belangrijke gegevens eruit en sla ze op in een gestructureerd formaat én rapporteer fouten/sabotage van anderen. Beetje voor beetje, totdat alle documenten bekeken zijn. Van de 700’000 staan er nu 70’000 online en ze worden snel verwerkt. Toen de site net live was, kregen ze ze niet aangesleept.

Dit is een fantastisch voorbeeld van het feit dat mensen online best tot grote dingen kunnen komen, als de manier waarop ze dat moeten doen maar begrijpbaar en behapbaar is. Collectieve actie naar een gezamenlijk doel gebruik makend van ons cognitieve surplus1, zoals beschreven in Shirky’s “Here Comes Everybody”. En bedenk: Is dit nu echt zo complex?

De middelen

Ik was in Austin bij een sessie over kranten en Simon Willison van the Guardian kondigde toen of had toen net de API van the Guardian aangekondigd. Via die API, het Guardian ‘Open Platform’ kun je de gehele inhoud van de Guardian doorzoeken, filteren en de artikelen hergebruiken bijvoorbeeld op je eigen website. Dat is al redelijk revolutionair.

Ze draaien er ook een datablog over gegevens die ze verzamelen wat erg interessant is en laat zien hoe journalisten gegevens gebruiken en uitnodigt om zelf meer te doen met diezelfde gegevens.

Kort gezegd ze zijn daar redelijk goed en goed bezig wat internet betreft. Dat is wel ten dele sinds Simon Willison er werkt, die een groot deel van de API en andere programmeertaken voor zijn rekening neemt.

We kunnen een vergelijkbare manier van journalistiek in Nederland die het internet snapt en het weet in te zetten goed gebruiken. Internet gaat niet weg. Je leert er gedijen of er volgt een marginaal bestaan ergens aan de zijlijn. De vraag is: welke Nederlandse krant heeft de ambitie om dit soort dingen te doen? Mijn zegen en —zo nodig— hulp kunnen ze krijgen.

  1. Wie heeft er nog een tv (nodig)?

Leave a comment

Please be polite and on topic. Your e-mail will never be published.