“I am not in the business of being liked.”

Gisteren een lezing bijgewoond van Arnold Karskens in DOK Delft. Interessant omdat Karskens grote thema’s aanhaalt, bijna samenzweringen aan de kaak stelt en een beroep doet op de morele verantwoordelijkheid van het Nederlandse volk en journaille (‘Halve journalistiek bestaat niet’).

Arnold Karskens

Karskens begon met uit te vallen tegen de laksheid van de regering in het vervolgen van oorlogsmisdadigers terwijl tegelijkertijd op de 4 mei herdenkingen mensen de mond vol hebben van ‘nooit meer’.

Verder had hij het over de nutteloosheid van de missie in Uruzgan en de mogelijk oorlogsmisdaden die daar gepleegd worden door onze troepen en de haat die gezaaid wordt. Ons kabinet doet zijn best om dit soort incidenten in de doofpot te stoppen maar het deksel zal er binnenkort toch wel vanaf vliegen. En dat in de laatste plaats door de Nederlandse journalisten die niet kritisch durfen te zijn laat staan zonder bescherming en censuur van Defensie naar Afghanistan durven te reizen.

En met uiteindelijk de conclusie dat de missie in Afghanistan zinloos is. De Russen waren daar al achter. Het is de vraag hoeveel Nederlandse doden er nodig zijn (Afghanen boeien zoals gezegd niet) voordat wij daaracher komen en met de staart tussen de benen afdruipen.

Hij stipte ook nog kort de affaire met Joris Luyendijk (‘Joris is bang’, ‘Joris over de kritiek op Joris’) aan. Ik denk dat ze allebei meer gelijk hebben dan de rest en ik weet nu nog beter waarom ik geen Nederlandse geschreven pers lees.

Lecture Hall

Update: Een kleine discussie nog over waarom embedded journalisten informatie die ze verzamelen niet gewoon toch publiceren. In ieder geval als mensen hulp nodig hebben om verborgen partities op hun laptop te maken, laat het maar weten.

Wat je zaait

Druk en weinig bloggerij de laatste tijd. Daar komt wel weer verandering in, al weet ik niet of ik moet blijven bloggen in het Nederlands. Ik schat dat de meeste lezers van dit stukje toch ook wel Engels kunnen lezen en dat ik ondertussen goed genoeg Engels schrijf dat het niet storend is.

Een onderzoek van het Nationaal Comité 4 en 5 mei gaf terug dat mensen in Nederland het bezorgst zijn om terroristische aanslagen. Is het kabinet er toch in geslaagd om mensen bang te maken voor de grote boeman van het terrorisme.

Om daar tegenover een onderzoek te zetten wat Bruce Schneier aanhaalde over waar je je echt zorgen over moet maken, namelijk mensen die dicht bij je staan, auto’s en fast food. Het is veel waarschijnlijker je daardoor wat overkomt dan dat je omkomt bij een terroristische aanslag.
Mensen zijn niet goed in het inschatten van risico’s. Denk ook aan die ouders die panisch worden bij alles wat hun kind online doet, maar ze wel gewoon naar de scouting en de kerk sturen. Want daar gebeurt niks.

Waarom maken mensen zich zo druk?