Ik kom er nu aan toe om RadioOnline van 15 maart te luisteren.
De onderwerpen:
Medicijnen via internet?
De gebruikelijke oppervlakkige behandeling waaruit blijkt dat ze niet Spaink in het Parool hebben gelezen (‘Zelfmoord via internetdokter’, 22 maart 2005).
Marie-Claire van den Berg test Photoleap
Grote verwarring over een foto-verstuurapplicatie Photoleap (lang niet zo hip als Flickr) waarvan niemand precies weet hoe het werkt.
Iets met JPG-recodering en downsamplen naar 2 MegaPixels maar er staat niks concreets over op de website van Photoleap.
Domeinregister kent geen privacy
Het was een goed bewaard geheim bij ons digerati dat je als je mensen wilt bereiken die onbereikbaar lijken dat je dan de Whois doorspit. Ik sta er helaas ook erg compleet in.
Als je niet in een telefoonboek wilt staan, dan kan dat. Het is van de zotte dat deze gegevens verplicht openbaar zijn maar als je een bureaucratische monopolist de macht geeft dan heb je weinig te kiezen.
Wikipedia, encyclopedie of desinformatie
Mensen die tegen Wikipedia zijn, snappen het niet (Wired heeft er wat aardige artikelen over 1 & 2). Het is nooit af, maar het probeert beter te zijn dan het meeste (en slaagt daar vaker in dan je zou denken). Het is voor mij een heel handig beginpunt met overzichtelijke informatie over een bepaald onderwerp.
Wat ik mis in het gesprek, is de basis van Wikipedia: Deelnemers schrijven op zo’n manier dat wat zij schrijven het proces overleeft.
De vertegenwoordiger van de Wikipedia (Oscar van Dillen) is beetje suf en verzandt in details. Hij gaat niet de fundamentele discussie over het proces aan die daardoor erg halfslachtig gevoerd wordt.
Het is een interessante vraag of je door middel van democratie tot kennis kunt komen. Of relevante kennis eigenlijk gelijk staat aan consensus. Of hier sprake is van een proces van evolutionaire zelf-organisatie die kwade wil en domheid kan overstijgen.
Bovenstaande is wel een goede illustratie dat lokale takken van Wikipedia een marginaal bestaan leiden. Zeker als het gaat om algemene onderwerpen waar de engelse versie meestal veel beter is. Bij die engelse versie zit ook het kloppende hart van de organisatie.
De wetenschapsjournalist (Marcel Hulspas) doet een paar uitspraken waaruit duidelijk blijkt dat hij bij die groep mensen hoort die het niet snappen.
Van Jole merkt op dat er veel feitelijke onjuistheden zitten (in onder andere zijn pagina). Mijn ervaring is dat normale journalisten meestal niet veel beter zijn. Ze maken ook fouten opzettelijk of door gebrek aan kennis en meestal niet te zuinig ook. Hun voordeel is natuurlijk dat ze zich meestal achter grote intransparante organisaties kunnen verschuilen (waar ze ook nog eens door betaald krijgen).
Leuk overzicht van het proces is Jon Udell die de historie van een bepaalde pagina behandelt. Voor mensen die het wel willen snappen.
